Samenvatting
Op 12 november 2013 lanceerde Vlaams minister van Onderwijs
Pascal Smet ‘Re: Pest’, een nieuw educatief lessenpakket dat pesten op school moet
tegengaan. Blikvanger is een 3D-game waarin jongeren geconfronteerd worden met
authentieke pestsituaties. De opdracht bestaat erin om zelf een actie te
kiezen: meepesten, negeren of interveniëren. Dit moet de leerlingen aanzetten
tot reflectie over het eigen gedrag (1). Het is de bedoeling dat leerkrachten
via een gerichte vorming in staat gesteld worden om zelf de lessenreeks met hun
leerlingen te kunnen doorlopen. Dit kan vakoverschrijdend en voor diverse
klasgroepen. Het idee voor ‘Re: Pest’ komt
overgewaaid uit Finland, waar een vergelijkbaar project (KIVA, het Fins
acroniem voor ‘Leuke school
zonder pesten’) pesten op school met 40 procent zou hebben
teruggedrongen. Ook andere landen volgden reeds het Finse voorbeeld. Één
hiervan is Nederland, waar intussen een evaluatieonderzoek werd opgezet binnen
de universiteit van Groningen (2). De eerste bevindingen wijzen alvast op een
positieve invloed op het pestgedrag in de onderzochte scholen.
Persoonlijke
reflectie
Dat pesten diepe wonden slaat, staat buiten kijf. Onlangs nog
werden we hieraan herinnerd, nadat een Amerikaans tienermeisje zelfmoord pleegde als
gevolg van langdurig en zwaar pesten (3). De schade voor de socio-emotionele
ontwikkeling van jongeren kan dan ook enorm zijn. Pesten kan leiden tot een
volledig verlies van vertrouwen in zichzelf, anderen rondom zich en de
maatschappij in het algemeen (4). Uiteraard is dit een oud zeer. De technologische
evolutie en het toenemend belang van sociale media maken de problematiek
vandaag echter pertinenter dan ooit. De hiermee gepaard gaande opkomst van
cyberpesten, waarbij gebruik gemaakt wordt van internet of GSM, confronteert
ons met name met een indringender en moeilijker te beheersen variant. Dit laat
de daders, die zich gegeven de anonimiteit en afstand met het slachtoffer nog
minder geremd voelen, en hun pestgedrag toe om de slachtoffers zelfs tot binnen
de voorheen veilig geachte muren van de eigen woning te achtervolgen (5).
Actie hiertegen kan volgens mij dan ook enkel toegejuicht
worden, zeker wanneer deze voornamelijk inzet op preventie. Het doel moet immers
voornamelijk zijn om het probleem te voorkomen. Dit kan enkel door het bespreekbaar
te maken en jongeren inzicht te bieden in de nefaste gevolgen van eventueel pestgedrag.
In het licht hiervan maakt de laatste jaren een sensibiliseringsbeweging
opgang, niet alleen in ons land maar ook daarbuiten. Illustratief hiervoor zijn
acties zoals de Vlaamse Week tegen Pesten (6), de Ketnet Move tegen Pesten (7)
en de soms erg choquerende campagnes om de gevolgen van pesten onder de
aandacht te brengen (8). Ook het project
‘Re: Pest’ en de hierin centraal staande game passen duidelijk binnen een
dergelijke preventieve, sensibiliserende logica. Het is mijns inziens bovendien
een pluspunt dat het de jongeren in de klascontext aanspreekt via een medium
dat sterk aansluit bij hun eigen leefwereld: een videogame. Het spel lijkt
daarenboven te beantwoorden aan verschillende principes van het model voor
constructivistische leeromgevingen van Jonassen (9). Zo is het onder meer
actief, confronteert het leerlingen met complexe en gecontextualiseerde
(pest)situaties en leent het zich sterk tot reflectie. Dergelijke eigenschappen
dragen volgens dit model bij tot een grotere leereffectiviteit. Ze helpen met
andere woorden bijdragen aan het doel om de leerlingen doorheen het spel kennis
en (sociale) vaardigheden op te laten doen die pestgedrag moeten indijken. Op
de lange termijn kunnen deze eventueel zelfs worden omgezet in bredere
attitudes.
Een minpunt van het ‘Re: Pest’ project is dat er misschien
wel te veel nadruk gelegd wordt op het 3D-spel. Volgens Gie Deboutte van het
Vlaams Netwerk Kies Kleur tegen Pesten is deze benadering te nauw: “Pesten pak je alleen aan door er als school echt een beleid rond te
maken, door een heel team te verzamelen dat aan dezelfde kar trekt en door
samen met álle betrokkenen, ouders, leerlingen en leraren, doordachte keuzes te
maken.” (10)
Een project als ‘Re: Pest’ zou volgens hem met andere woorden gekaderd moeten
worden binnen een breed (gedragen) schoolbeleid tegen pesten. Dit blijkt nog te
vaak niet het geval in het Vlaamse onderwijslandschap. Eenzelfde kanttekening
vinden we bij Heidi Vandebosch, professor aan de Universiteit Antwerpen en
experte op vlak van (cyber)pesten (11). Ook zij breekt een lans voor een “alomvattende benadering, die alle actoren betrekt en zowel preventief
als oplossingsgericht werkt”. Het
gebrek aan een breder schoolbeleid – naast de lessenreeks en game – en het
ontbreken van handvaten om een bestaande pestproblematiek aan te pakken, zijn
volgens haar twee belangrijke verschillen met het Finse KIVA-project. Dit vinden
wij toch enigszins jammer, daar de effectiviteit van dit laatste reeds door wetenschappelijk
onderzoek werd aangetoond.
(1) Meer uitleg over het project is te vinden op de website
van de Hogeschool West-Vlaanderen, die verantwoordelijk was voor de
ontwikkeling van de game. Hier kan je eveneens een beperkte demo van het spel
downloaden (http://repest.howest.be,
laatst geraadpleegd op 17 maart 2014).
(2) Voor de projectomschrijving en referenties, zie http://www.rug.nl/staff/b.oldenburg/projects,
laatst geraadpleegd op 17 maart 2014.
(3) Zie http://www.demorgen.be/dm/nl/990/Buitenland/article/detail/1703792/2013/09/13/Op-internet-gepest-meisje-12-pleegt-zelfmoord-in-VS.dhtml,
laatst geraadpleegd op 17 maart 2014.
(4) http://www.kieskleurtegenpesten.be/pesten/pesten-slaat-wonden-diepe-wonden,
laatst geraadpleegd op 17 maart 2014.
(5) Zie hieromtrent de wikibooks-cursus van het vak
Onderwijstechnologie gedoceerd door Prof. dr. F. Questier binnen de
lerarenopleiding van de Vrije Universiteit Brussel (http://nl.wikibooks.org/wiki/Onderwijstechnologie/ICT_en_jongeren, laatst geraadpleegd op 17 maart 2014). Voor een
interessante (netwerk)analyse van cyberpesten in de schoolcontext, zie Wegge,
D., Vandebosch, H. & Eggermont, S. (2012) ‘Offline netwerken,
online pesten: Een sociale netwerkanalyse van cyberpesten in de schoolcontext’,
Tijdschrift voor Communicatiewetenschap
40(1), 4-18.
(6) Voor meer uitleg hierbij, zie http://www.kieskleurtegenpesten.be/vlaamse-week-tegen-pesten,
laatst geraadpleegd op 17 maart 2014.
(7) Zie http://www.ketnet.be/doen/move-tegen-pesten-2014,
laatst geraadpleegd op 17 maart 2014.
(8) Rond een choquerend campagnefilmpje tegen (cyber)pesten
ontstond in september 2013 in het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld nog heel wat
ophef: http://www.standaard.be/cnt/dmf20130924_00756875?utm_source=facebook&utm_medium=social&utm_term=dso&utm_content=article&utm_campaign=seeding,
laatst geraadpleegd op 17 maart 2014.
(9) Jonassen,
D. (1999). ‘Designing Constructivist Learning Environments’. In C. Reigeluth
(ed.). Instructional-Design Theories and Models: A New Paradigm of
Instructional Theory, vol. II, 215-239.
(10) http://www.klasse.be/leraren/39690/computerspel-helpt-pestgedrag-bestrijden/,
laatst geraadpleegd op 17 maart 2014.
(11) http://www.klasse.be/leraren/43819/pesten-structureel-aanpakken-of-het-helpt-niet/,
laatst geraadpleegd op 17 maart 2014.
Kevin Goris
SLO Cultuur- en Maatschappijwetenschappen
Kevin Goris
SLO Cultuur- en Maatschappijwetenschappen